21 April, 2018

Boek 'Anders en toch gewoon'

Familie, vrienden en omgeving informeren

Informeer je familie en vrienden best in over de donorbehandeling? Waar moet je rekening mee houden? Hoe doe je dit en wanneer? Waarschijnlijk zullen jullie deze vragen hebben voor jullie starten met een donorbehandeling of tijdens de behandeling. Ook als jullie al ouder zijn, kunnen deze vragen opnieuw opduiken.

 

Erover praten met familie en vrienden of niet?

In het begin, wanneer je de diagnose van onvruchtbaarheid verwerkt en wanneer je een behandeling met donormateriaal overweegt, hebben velen nood aan steun en een luisterend oor. Voor sommigen loopt de verwerking gemakkelijker wanneer ze erover kunnen praten. Je kan steun vinden bij elkaar, maar daarnaast kiezen velen er ook voor om erover te praten met familie en/of goede vrienden. Ook praat je er soms over met anderen in jullie zoektocht naar een donor. Hierbij kunnen jullie samen beslissen wat jullie willen vertellen en aan wie. Anderzijds, eens je jullie zoon/dochter verteld hebt over de donorconceptie, heb je er geen controle meer over: jullie kind kan (en mag) er ook over praten met anderen. Je kan niet van je kind vragen (of verwachten) dat hij/zij er met niemand mag over praten.

Praten over onvruchtbaarheid is niet gemakkelijk, net zoals praten over donorconceptie ook niet eenvoudig is. Misschien omdat het nog een moeilijk thema is voor jullie zelf of omdat het thema nog vrij onbekend is of omdat het “anders” is. Velen voelen zich dan ook alleen in hun beslissingsproces voor donorconceptie.

Het is belangrijk dat je bij aanvang stil staat bij jullie beslissing om jullie kind al dan niet te vertellen over de donorconceptie. Erover praten met anderen uit nood aan steun terwijl je je kind later niet wenst in te lichten, verhoogt het risico dat jullie zoon/dochter via anderen zal vernemen over de donorconceptie. Het is aan te raden dit te vermijden omdat het een zeer negatieve ervaring is voor de kinderen.

“Ik verwerk en neem eigenlijk altijd beslissingen door er met anderen over te praten, doordat ik input vanuit verschillende hoeken krijg.”

 

Moet je wachten tot je kind oud genoeg is, vooraleer je anderen inlicht?

Nee, het voordeel is dat er reeds een netwerk is waar je kind het tegen kan vertellen en die op een gepaste manier kan reageren en opvang bieden. Vertel familie/vrienden wel dat je als ouder je kind eerst zelf wil informeren. Als je wacht tot je kind oud genoeg is om het te begrijpen, kunnen je vrienden en familie het ook kwetsend vinden om zolang niets geweten te hebben.

Sommigen proberen het thema al eens ter sprake te brengen, bv. naar aanleiding van een reportage of nieuwsfeit. Zo scheppen ze een kader om erover te kunnen praten. Maar naarmate je zekerder wordt, gaat dit niets meer uitmaken. Anderen durven nieuwsberichten over onvruchtbaarheid/ vruchtbaarheidsbehandelingen niet aan te kaarten, uit schrik zich ‘verdacht’ te maken. Begin met je beste vrienden. Je leert al doende er over te praten en gaat merken dat je beter je woorden vindt en het je gemakkelijker afgaat. Ook als koppel groei je daarin. Je begrijpt beter hoe je partner iets wil vertellen en je leert elkaar aan te vullen waar nodig.

 

Wie moet het weten en wanneer?

Best spreek je duidelijk met elkaar af wie je wenst in te lichten en wanneer en wie (nog) niet. Op deze manier vermijd je dat een van jullie tijdens een gesprek met vrienden/familie onaangenaam verrast wordt omdat hij/zij reeds op de hoogte is. De meeste mensen geven namelijk aan dat ze zich graag willen voorbereiden op mogelijke reacties en vragen van anderen. Naarmate je kind ouder wordt, kann je best ook je kind hierin betrekken. Het betreft tenslotte ook informatie die hem/haar aangaat.

Velen beginnen met intieme familieleden en vrienden in te lichten en breiden geleidelijk uit. Anderen vertellen het van bij aanvang aan de ruime omgeving vanuit een soort van ‘opvoedings-motivatie’: anderen willen sensibiliseren voor donorbehandelingen en leren erover te praten. Weer anderen verkiezen de omgeving niet te veel in te lichten omwille van culturele, religieuze of andere aspecten. Soms heeft je arts bij diagnose geadviseerd je broer/zus in te lichten zodat ook hij/zij zich kan laten testen op een mogelijke genetische belasting.

Sommige koppels lichten familie van bij het begin in zodat de toekomstige grootouders ook tijd hebben om eraan te wennen. Anderen verkiezen eerst als gezin elkaar te leren kennen en een band op te bouwen, en dan derden te informeren. Iedereen doet het in verschillende stappen/fasen. Hoe langer je wacht, hoe moeilijker het soms wordt. Soms lijkt het alsof je iets geheim houdt en kan je omgeving daar moeilijk mee om. Soms lijkt het alsof de omstandigheden om  erover te praten zich steeds moeilijker voordoen, zo komt het thema ‘kinderen krijgen’ na een tijd dikwijls minder aan bod in je omgeving. 

 

Vertel je het aan leerkracht, huisarts, pediater?

Naarmate je kind groeit, gaan ook andere mensen belangrijk worden in het leven van je kind bv. (huis)artsen, leerkrachten,… . Voor (huis)artsen is het belangrijk op de hoogte te zijn van de donorconceptie, om een correcte inschatting te kunnen maken en geen onjuiste genetische aanleg -dat jullie beiden de biologische ouders zijn van jullie kind- te veronderstellen . Ook al heb je geen medische informatie van de donor, en is deze gecontroleerd bij de donatie, die informatie is niet up-to-date. Soms leert de donor ook meer over zijn familiale genetische aanleg en belasting naarmate hij ouder wordt. Daarom is het belangrijk de arts hierover te informeren.

Is het belangrijk een leerkracht op voorhand in te lichten of wacht je best tot je kind het zelf vertelt op school? Een goede vuistregel is na te gaan of het in het voordeel is van je kind.

Je kunt echter niet heel de omgeving eerst voorbereiden om je kind te beschermen van eventuele negatieve reacties. Dit hoort soms ook bij het opgroeien en het leven. Je kan als ouder niet alles voorkomen, maar je kan proberen je kind te leren hoe hij/zij ermee kan omgaan.

 

Hoe beginnen we erover te praten?

Een gesprek beginnen met je ouders of je beste vrienden over donorconceptie kan normaal, moeilijk, raar, beangstigend zijn, of een mengeling van dit alles. Het hangt natuurlijk ook erg af van hoe je relatie met je ouders in het verleden was, en op welke manier je met elkaar communiceert. Als ze jullie goed kennen, weten ze vermoedelijk al dat jullie graag kinderen willen, of een kinderwens hebben. Neem dat als aanknopingspunt en bouw je verhaal van daaruit op: bv.  jullie weten dat mijn partner en ik bezig zijn voor kinderen, en we hebben een tijd geprobeerd en zijn naar een fertiliteitkliniek geweest. Ze hebben ons gezegd dat de enige manier voor ons om kinderen te krijgen is via een donor.

 

Wat voor reacties kunnen we verwachten? 

"Je hebt geen idee hoe de mensen erover denken. Je hoort/leest er niets over. Je weet bv. hoe de maatschappij denkt over homoseksuele geaardheid maar niet over donorconceptie... Dus je hebt geen idee wat je moet verwachten.”

 

“Je wil geen ‘toestemming’ van je ouders, maar je wil wel dat je kind ‘aanvaard’ zal worden zoals andere kleinkinderen. Toen mijn vader zei ‘jouw kinderen zijn onze kinderen’ was ik wel blij. “

 De reacties van anderen zullen veelal bepaald worden door de band die jullie met elkaar hebben en hoe je de informatie overbrengt. Over het algemeen hebben vrienden en familie het beste voor met jullie en is de angst voor afwijzing meestal groter gebleken dan de realiteit. Dat wil niet zeggen dat familie/vrienden niet eerst onbegrip kunnen uiten omdat donorconceptie voor hen nog onbekend is. Geef hen tijd om te wennen, informatie in te winnen, vragen te stellen. Net zoals jullie tijd gehad hebben om jezelf voor te bereiden en de mogelijkheid hebben gehad om ervaringen van anderen te horen.

Ouders kunnen zich schuldig voelen. Vooral moeders vragen zich vaak af of ze iets mis gedaan hebben tijdens de zwangerschap wat leidde tot de onvruchtbaarheid van hun kind. . Ze kunnen ook verdriet hebben over het verlies van een eigen biologisch kleinkind, net zoals jullie dat gehad hebben. Ze zullen verdrietig zijn omdat ze jullie verdriet zien en meeleven. Soms voelen  ouders er zich ongemakkelijk bij om over zo’n persoonlijke, intieme zaken te praten. En soms houden ze zich sterk en tonen ze deze gevoelens niet aan jullie. De gevoelens van je ouders kunnen een extra belasting voor jullie zijn. Indien er nog anderen in jullie gezin zijn (bv. broers/zus) die ingelicht zijn, geeft dit hen de mogelijkheid er ook onderling over te praten.

Als je zelf met meer vertrouwen de informatie overbrengt, dan heeft dat ook effect op de ontvangers. Ook als ze eerst verrast reageerden, zullen ze erna zien dat jullie overtuigd zijn en er rustig mee omgaan. 

 

“De reactie was dezelfde die ik in het begin had. Eerst kon ik er niet tegen. Nu ben ik ondertussen zelf meer overtuigd van mijn mening en heb ik vertrouwen in onze keuze. Ik kon in haar standpunt komen zonder dat het pijnlijk was voor mij, uiteindelijk heeft iedereen recht op zijn mening. Ook niet iedereen staat achter adoptie…”

Andere vragen kunnen zijn: ‘Licht je je werkgever in?’, ‘Hoe reageer je op vreemden/kennissen die opmerkingen maken op het uiterlijk van jullie kind?’, ‘Sommige mensen zijn al van bij het begin op de hoogte, anderen gingen we later inlichten. Maar het thema kinderen krijgen, komt niet meer aan bod. Hoe doen we dit?’, ‘Vertellen we dat we een bekende donor hebben gebruikt en wie het is?’,…

Verdere info

  • Vraag op het forum ervaringen van anderen
  • Kijk in de brochure ‘vertellen en erover praten met familie en vrienden